! Ease The Pain ! forum index


 
Slaapstoornissenprintvriendelijke versie

In dit topic vind je allerlei informatie terug over de diverse psychische 'stoornissen'. Als je informatie mist, of als je nog meer interessante informatie hebt, stuur dat dan svp in een mail naar beheer@easethepain.nl.

Waarschuwing

Als je je herkent in informatie, die hieronder staat, dan wilt dat nog niet zeggen dat je datgene ook daadwerkelijk hebt. Een psychiater is de enige die een diagnose kan stellen. Als je je ergens in herkent, dan kun je dat natuurlijk wel aangeven bij je hulpverlener, maar je kunt jezelf hierop nooit diagnosticeren.

Daarnaast is het belangrijk om te weten dat veel diagnose's uit de DSM puur een karakterbeschrijving zijn. Ze zijn niet gebaseerd op wetenschappelijke onderbouwing, of zijn gebaseerd op een pseudowetenschap. Als je aan een psychische 'stoornis' lijdt, dan wil dat nog niet zeggen dat je ziek bent. Zoals bijv. bij ADHD hyperactiviteit en concentratieproblemen kenmerken zijn, wil dat nog niet zeggen dat iemand die hyperactief is of concentratieproblemen heeft ziek is.

Hou dus nooit teveel vast aan een diagnose, het draait niet om de diagnose, maar om jouw toekomst. Begin dan ook niet zonder meer met het slikken van psychiatrische medicatie, maar probeer jezelf eerst er bovenop te vechten zonder deze middelen te gebruiken. De manier waarop je omgaat met de kennis van je eigen gedachtenpatronen en karakterkenmerken zijn grotendeels bepalend voor jouw psychische welzijn in de toekomst. Daarnaast heeft medicatie ook de nodige bijwerkingen, zoals verhoogd risico op agressie, destructief gedrag en zelfmoordneigingen. Deze bijwerkingen komen relatief vaak voor, en kunnen desastreuze gevolgen hebben. Dat terwijl deze bijwerkingen veelal niet vermeld worden door medicijnfabrikanten en hulpverleners.



Inhoud

Slaapstoornissen Algemeen
Slaapwandelen en nachtmerries
Chronisch Vermoeidheidssyndroom (CVS/ME)
Ziekte van Pfeiffer
Slaapapneu
Narcolepsie
Insomnia
Hypersomnia

Slaapstoornissen Algemeen

De meeste mensen brengen bijna een derde deel van hun leven slapend door, een zestigjarige heeft dus zo'n twintig jaar van zijn leven geslapen. Ondanks vele theorieën weten we nog steeds niet waarom slaap zo onmisbaar voor ons is. Men vermoedt dat een klein gebied in de hersenstam het slaap-waak ritme regelt. Er blijkt zoiets als een interne biologische klok te bestaan die ongeveer 24 uur duurt: een circadiane (circa = ongeveer; dies = dag) ritme, een één keer per dag terugkerend verschijnsel. Mensen die een tijd in een voor licht en geluid afgeschermde ruimte verblijven hebben ook een 24-uurs ritme: ook na weken afzondering slapen en waken ze met een zekere regelmaat. Als die volledige afzondering langer duurt ontstaat een circa 25-uurs ritme, hetgeen normaal niet van belang is aangezien onze interne klok "gelijkgezet" wordt door uitwendige factoren zoals daglicht en horloges. Waarom onze interne klok langer dan een etmaal (één omwenteling van de aarde) duurt weten we niet.

Structuur van de slaap

De slaap wordt in twee perioden worden verdeeld: de non REM-slaap en de REM-slaap:

A. Non REM-slaap (slow wave sleep of trage slaap)
Dit wordt gekenmerkt door een geleidelijke vertraging van de hersengolven, hetgeen belangrijk is voor het inslapen. Deze periode wordt in 4 stadia verdeeld: sluimer, inslaap, slaap en diepe slaap. Met name fase 3 & 4 van de Non REM-slaap zijn het meest belangrijk voor ons biologisch herstel en dan vooral van de hersenen zelf.

B. REM-slaap
De activiteit van de hersenen is bijna niet te onderscheiden van die tijdens de waaktoestand. Aangezien er tijdens deze fase van de slaap sprake is snelle oogbeweging wordt deze fase de R(apid) E(ye) M(ovement) slaap genoemd. De spieren zijn maximaal ontspannen, hartslag en ademhaling sneller en nogal onregelmatig. Vrij algemeen wordt aangenomen dat de dromen optreden in de REM-slaap.

De verschillende slaapstadia volgen elkaar, in bepaalde afwisseling, met een zekere regelmaat op gedurende een volledige nachtslaap. In de regel valt iemand die aan het begin van de nacht naar bed gaat, binnen 10 à 15 minuten in slaap en bereikt vrij snel een diepe slaap (stadium 3 en 4 van de Non REM-slaap). Na circa 1½ uur treedt de eerste REM-slaap op, daarna volgt weer de diepe slaap (stadium 3 en 4 van de Non REM-slaap). Later in de nacht wisselen ongeveer 5 diepe slaapfasen (alleen stadium 3 van de Non REM) zich af met 5 REM fasen, die ongeveer 20 minuten duren. Eén Non REM-slaap en één REM-slaap wordt een cyclus genoemd, gedurende de nacht treden dus een aantal cycli op. Ook overdag hebben we, hoewel minder duidelijk, een aantal cycli. Omstreeks 13.00 à 14.00 uur treedt een minder waakzame periode op.

Slaapbehoefte

Vanaf de dertigste week van de zwangerschap wisselen perioden van rust en activiteit zich af. Pasgeboren kinderen slapen gemiddeld 16 uur per dag (sommigen slapen maar 5 uur en sommigen 21 uur). Na 3 weken vermindert dit tot 14 uur slapen en na 6 maanden tot ongeveer 12 à 13 uur. Tot de pubertijd blijft de gemiddelde slaapbehoefte ruim 10 uur. Gemiddeld (65%) hebben volwassenen 7 à 8 uur slaap nodig, maar er zijn ook zogenaamde "korte slapers" die aan minder dan 5½ uur genoeg hebben (8% minder dan 5uur) en "lange slapers" die meer dan 8½ uur nodig hebben (2% zelfs langer dan 10 uur).

Bij ouderen is de totale hoeveelheid diepe slaap minder, rond het 80ste jaar is er vrijwel geen REM-slaap meer. Doordat ouderen oppervlakkiger slapen worden zij vaker wakker, de totale slaapduur verandert echter weinig. Wel gaat een middagdutje vrijwel geheel ten koste van de toch al schaarse diepe slaap 's nachts. Omdat veel ouderen ook vroeg naar bed gaan, neemt de tijd in bed die niet slapend wordt doorgebracht toe. Vaak wordt dan gedacht dat men een slaapprobleem, hetgeen dus niet zo is, men ligt gewoon te lang in bed.

Omgevingsfactoren

1. Lawaai
Alle geluiden kunnen de slaap verstoren, zelf bij mensen die er niet door worden gewekt of er aan gewend zijn. Door lawaai wordt vooral de diepe slaap gestoord
2. Temperatuur
Zowel door een zeer lage als door een zeer hoge temperatuur kan de slaap worden verstoord
3. Bed
Slapen op een hard oppervlak gaat gepaard met meer lichaamsbewegingen gedurende de slaap en een groter malen ontwaken dan slapen op een zacht oppervlak
4. Voeding
Zowel een volle als een lege maag kan het inslapen hinderen. Melk en moutproducten hebben als ze genuttigd worden voor het slapen gaan een gunstig effect op de slaap. Coffeïnehoudende dranken (koffie, thee, cola) verstoren de slaap in de zin dat de slaap gepaard gaat met meer lichaamsbewegingen en er sprake is van vaker ontwaken. Een kleine hoeveelheid alcohol kan het inslapen bevorderen, maar na geregeld drinken van alcohol is er sprake van minder REM-slaap, vaak onaangename angstdromen, veelvuldig wakker worden en meer lichaamsbeweging gedurende de slaap

Slaapstoornissen

Ongeveer 5% van de volwassenen slaapt regelmatig slecht (minstens tweemaal per week), 15% slaapt af en toe slecht (minder dan tweemaal per week). Vrouwen hebben ongeveer tweemaal zo vaak last van slaapproblemen dan mannen. Slaapproblemen komen vaker voor met het stijgen van de leeftijd. Meest voorkomende oorzaken zijn psychische en sociale problemen, een ongezonde leefwijze en chronische lichamelijke aandoeningen. Vaak denkt men een slaapprobleem te hebben, terwijl dit in feite niet zo is, er is sprake van een verkeerde interpretatie van een normaal patroon.

Voorbeelden hiervan zijn:
• de korte slaper
Heeft van nature maar weinig slaap nodig, maar kan denken dat hij 8 uur moet slapen.
• inslaapproblemen bij te vroeg naar bed gaan
Men heeft nog geen slaap, maar vindt dat men moet slapen.
• lichtere slaap bij ouderen
Bejaarden slapen lichter, korter en vaker onderbroken, ook zij denken vaak een slaapprobleem te hebben.
• vaak wakker worden
Het is normaal dat men 's nachts 2 à 3 keer zeer kort wakker wordt, vaak wordt gedacht dat men slecht geslapen heeft.

Behandeling

1. Oorzaak
Eerst dient gezocht te worden naar de oorzaak. Vaak denken mensen een slaapprobleem te hebben, maar berust dit op een verkeerde interpretatie, als ze bijvoorbeeld een "kortslaper" zijn.
2. Slaaphygiëne
Indien het inslapen moeilijk gaat, sta op en ontspan even totdat u zich slaperig voelt, blijf niet in bed liggen. Tracht te ontspannen, vermijdt bijvoorbeeld inspannende boeken of tv-programma's. Zorg voor een zekere regelmaat in het naar bed gaan en opstaan, ook in het weekend. Doe regelmatig (met mate) aan lichaamsbeweging. Vermijd 's avonds zware of sterk gekruide maaltijden, alcohol, coffeïnehoudende dranken, een te volle of een te lege maag, roken en sport.
3. Psychotherapie
Behandeling gericht op het oplossen van emotionele conflicten, verwerken verlies of trauma

Tips

• Probeer inzicht te krijgen in uw slaapgedrag door een slaapdagboek bij te houden. Schrijf op hoe lang het duurde voordat u insliep, hoe lang u hebt geslapen, hoe laat u wakker werd en hoe vaak en hoelang u wakker bent geweest. Het gaat om een schatting: staar u niet blind op de wekker! Schrijf ook op hoe u voor uw gevoel hebt geslapen en of u zich 's ochtends uitgerust voelde.
Onderzoek of de slaapproblemen samenhangen met bepaalde omstandigheden, zoals vroeg op moeten of drukte thuis of op het werk.
Zorg dat u op vaste tijden naar bed gaat en opstaat. Slaap ook in het weekend niet te lang uit.
Vermijd slapen overdag. Doe per dag hooguit een dutje van maximaal 30 minuten. Zet een wekker om ontspannen te kunnen liggen zonder angst u te 'verslapen'.
Zorg voor goede slaapomstandigheden: een goed bed en kussen en een goed geventileerde, niet te warme, rustig ingerichte kamer.
Vermijd geestelijke en lichamelijke inspanning, zoals sporten, vergaderen of studeren, vanaf twee uur voor het slapen gaan.
Eet of drink niet uitgebreid binnen een paar uur voor het naar bed gaan. Drink 's avonds niet teveel alcohol, koffie of thee of dranken met veel suiker.
Bedenk 's avonds al wat u de volgende ochtend moet doen: leg uw kleren klaar, pak uw werktas in en maak eventueel een actielijstje.
Probeer negatieve gedachten over slapen gaan om te buigen naar positieve. Als u bijvoorbeeld denkt: "dadelijk moet ik gaan slapen en dan lig ik weer uren wakker", verander dat dan in: "heerlijk, dadelijk lig ik warm en veilig onder mijn dekbed". Dat is niet eenvoudig, maar wel het proberen waard.
Ontspanningsoefeningen en yoga helpen om tot rust te komen, 's avonds, maar ook op andere momenten van de dag. Regelmatig overdag even ontspannen zorgt voor makkelijker ontspannen 's avonds.
Neem voor het slapen gaan een warme douche of ga een eindje wandelen of fietsen. Ook lezen, naar rustige muziek luisteren of een beker warme melk drinken kan helpen om te ontspannen.
Leg pen en papier naast uw bed. Schrijf gedachten van u af als u begint te piekeren.
Ga geen uren liggen woelen. Sta op als u wakker ligt, loop of drink wat en kruip er dan weer in. Doe geen dingen waarvan u klaarwakker wordt, zoals tv kijken of puzzelen.
Als uw partner last heeft van uw slaapproblemen, kan het u beiden rust geven apart te slapen.
Zoek meer informatie over slaapstoornissen, in bibliotheek, boekhandel of op internet.

Slaapwandelen en nachtmerries

Een goede nachtrust is van belang om overdag goed te kunnen functioneren. Helaas kan je nachtrust verstoord worden, en niet alleen door dingen van buiten af. Sommige mensen kunnen hun eigen slaap verstoren. Nachtmerries zijn hier een voorbeeld van. Door nachtmerries kan je slaap erg onrustig verlopen. Deze kunnen zo erg zijn dat mensen vol van angst 's nacht schreeuwend wakker worden. Dit worden ook wel 'night terrors' genoemd. Ook kan er sprake zijn van lichamelijk activiteit zijn tijdens de slaap. Veel mensen praten in hun slaap. Dit weten ze zelf niet, tenzij ze dat door de partner wordt vertelt. Daarom heeft praten ook weinig invloed op je slaap. Dat is wel het geval bij slaapwandelen. Vooral kleine kinderen hebben hier nogal eens last van. Als ouders zich hier goed op voorbereiden (bijvoorbeeld door het plaatsen van hekjes voor de trap) kunnen er weinig grote problemen ontstaan.

Normaal

Veel mensen zijn 's nachts wel eens actief. De ene draait en woelt veel in z'n slaap. De andere praat wel eens. Kleine kinderen willen tijdens het slaapwandelen ook nog wel eens plassen in bijvoorbeeld de gangkast. Dit soort activiteit is hinderlijk, maar nooit echt storend.

Afwijkend

Soms kunnen mensen zo actief zijn dat dit wel een probleem wordt voor hen en voor hun omgeving. Door hele heftige nachtmerries komen ze bijna niet meer toe aan slaap, omdat ze steeds wakker worden. Ook kunnen mensen zoveel praten of wandelen in hun slaap dat hun omgeving niet toekomt aan de nachtrust. Er zijn een aantal slaapcentra in Nederland waar het slaappatroon van een persoon onder de loep kan worden genomen, om naar een oplossing hiervoor zoeken.

Chronisch Vermoeidheidssyndroom (CVS/ME)

Vreemd, je was actief, een echte doorzetter en je had altijd zo'n plezier in het leven. Maar op de één of andere manier ben je al meer dan een half jaar niet meer 'de oude'; je voelt je moe, na enige inspanning vaak zelfs uitgeput en je hebt van die vreemde spierpijnen. En daarbij al die andere klachten - om wanhopig van te worden! En dat is nog niet het ergste: Bij laboratoriumonderzoek kan niets afwijkends worden gevonden, zodat het voor kan komen dat artsen zelfs concluderen dat je helemaal gezond bent.

Herkent u dit beeld? Dan is het heel goed mogelijk dat al die klachten worden veroorzaakt door Myalgische Encephalomyelitis (ME). De term ME suggereert dat er ontstekingen van de hersenen en het ruggenmerg zijn. Deze zijn echter tot op heden niet aangetoond. Daarom spreken artsen liever over Chronisch Vermoeidheidssyndroom (CVS).

Beschrijving

ME/CVS is een ziekte die gekenmerkt wordt door ernstige vermoeidheid en die het lichamelijk en geestelijk functioneren beïnvloedt. Daarnaast heeft degene die aan de ziekte lijdt te kampen met symptomen die met de spieren en met de hersenen te maken hebben. ME/CVS ontstaat sluipend waardoor er soms geen begin aan te wijzen is. Meestal openbaart de ziekte zich na een virusinfectie zoals verkoudheid, griep, waterpokken, ziekte van Pfeiffer, mazelen, leverontsteking, cytomegalie, of een andere infectie zoals toxoplasmose of brucellose. Natuurlijk heeft iedereen na een virusinfectie wel eens last van moeheid en pijnlijke spieren. Gewoonlijk verdwijnen deze verschijnselen in de loop van enkele weken of maanden. Kenmerkend voor de ziekte ME/CVS is echter dat de klachten niet overgaan, dat de ernst van de symptomen van dag tot dag en zelfs van uur tot uur verschilt en dat de spieren vaak lange tijd nodig hebben om van een normale inspanning te herstellen. Overigens verschillen de symptomen per individu: De één kan (part-time) blijven werken, de ander heeft een rolstoel nodig of is volledig bedlegerig. Iedereen (dus ook kinderen!) kan op elke leeftijd deze ziekte krijgen.

Oorzaak

Het is nog niet bekend waardoor de ziekte wordt veroorzaakt. Men vermoedt dat een storing in het immuunsysteem (afweersysteem) een rol speelt. Onderzoek op dit gebied heeft nog geen definitieve resultaten opgeleverd. ME is niet besmettelijk.

Diagnose

ME is een 'onzichtbare' ziekte, dat wil zeggen een ziekte die niet door middel van laboratoriumonderzoek kan worden aangetoond. Daardoor concluderen sommige artsen dat 'het wel psychisch zal zijn'. Toch kunnen ME-patiënten bij goed doorvragen onderscheiden worden van mensen die alleen overspannen of depressief zijn. Omdat er nog geen diagnostische test voor de ziekte bestaat, wordt tot nu toe de diagnose gesteld aan de hand van de symptomen, de ziektegeschiedenis en door uitsluiting van andere aandoeningen.

Kenmerken

De verschijnselen die vaak bij ME/CVS voorkomen zijn in vier groepen te verdelen.
Niet alle patiënten vertonen klachten uit alle groepen, maar de symptomen uit groep 1 zijn
kenmerkend voor de ziekte.

1) Perioden van voortdurende, allesoverheersende geestelijke en/of lichamelijke uitputting:

Dit kan zich uiten in een gevoel dat men zich nauwelijks overeind kan houden of in krachteloosheid van de spieren in armen of benen na enige lichamelijke inspanning, bijvoorbeeld bij lichte huishoudelijke karweitjes, de persoonlijke verzorging of een paar honderd meter lopen. Geestelijke inspanning kan dezelfde gevolgen hebben. Lichamelijke en geestelijke inspanning kost de meeste patiënten dan ook de grootste moeite, terwijl de herstelperiode buitensporig lang duurt, soms wel enkele dagen of zelfs langer.

2) Storingen in het zenuwstelsel:

• Slecht geheugen, onvermogen tot concentreren.
• Slaapstoornissen. Soms een omkering van het dag/nacht-ritme, levendige nachtmerries.
• Emotionele labiliteit, prikkelbaarheid, depressies, ook bij mensen die zeer stabiel waren voordat ze ziek werden.
• Onhandigheid. Eenvoudige dingen die vroeger vanzelf gingen, zoals iets pakken of aanreiken, kosten soms abnormaal veel moeite. Moeite met praten of schrijven.
• Sommige patiënten krijgen al na 10 minuten een lamme tong van het praten. Bovendien kost het soms moeite de juiste woorden te vinden, of wordt de volgorde van
letters of woorden in een zin verwisseld.
• Overgevoeligheid voor licht, geluid of geuren.
• Hoofdpijn, druk op het hoofd of licht in het hoofd.
• Wazig zien.
• Gevoeligheid voor kou en weersveranderingen.
• Op-en-neer vliegende lichaamstemperatuur, gecombineerd met overmatige transpiratie.
• Plotseling opkomende aanvallen van duizeligheid of misselijkheid na lichamelijke of geestelijke inspanning. -Sommige patiënten vallen flauw en kunnen verschijnselen hebben die op verlamming lijken.
• Vaak moeten plassen.

3) Slechte functie van het immuunsysteem:

• De ene infectie na de andere, bijvoorbeeld vaginale infecties, rode ogen, steenpuisten,
voortdurende snotterigheid en kaakholte-ontstekingen.
• Allergieën.

4) Daarnaast komen vrij vaak de volgende klachten voor:

• Flauwtegevoelens. Dit kan zich ook uiten in plotselinge geïrriteerdheid.
• Darmstoornissen, zowel verstopping als diarree.
• Voedselintoleranties.

Ziekte van Pfeiffer

De ziekte van Pfeiffer, in medische termen mononucleosis infectiosa en in populaire termen ook wel 'kissing disease' of klierkoorts genoemd, wordt veroorzaakt door een virus - het Epstein-Barr-virus (EBV). Dit virus houdt zich onder andere op in de speekselklieren en wordt in veel gevallen verspreid door zoenen. Maar het EBV-virus wordt zeker niet alleen door kussen doorgegeven, net als bij een simpele verkoudheid kan besmetting ook plaatsvinden via druppeltjes speeksel. De meeste mensen worden als kind al besmet, de infectie verloopt dan over het algemeen zonder symptomen - kinderen worden hoogstens een beetje hangerig. Als men tijdens of na de puberteit besmet wordt kan men wel behoorlijk ziek worden. Na een vermoeiende of inspannende tijd is men vatbaarder voor het EBV-virus. De incubatietijd varieert tussen tien dagen en zes weken.

Kenmerken

De belangrijkste kenmerken zijn moeheid, lichte koorts, keelpijn, lymfeklierzwellingen in de hals en soms ook in de liezen en oksels. Vaak is er sprake van lever- en miltvergroting. De diagnosestelling vindt plaats door middel van bloedonderzoek.

Ziekteverloop

De ziekte kan - evenals elke virusziekte - niet behandeld worden met medicijnen. De ziekteduur varieert tussen de twee weken en de twee maanden. Op een gegeven moment gaat de ziekte vanzelf over. In de eerste weken is men moe, maar men hoeft niet persé de hele dag op bed te liggen. Na ongeveer twee weken daalt de koorts en bedrust is dan niet meer nodig. Men kan weer voorzichtig de normale bezigheden oppakken.

Belangrijk is dat men goed naar de signalen van het eigen lichaam luistert. De lever en de milt werken na ongeveer vijf of zes weken weer normaal. Na zes tot acht weken zijn de meeste mensen volledig hersteld. Wie de ziekte eenmaal heeft doorgemaakt krijgt het niet nog een keer.

Tot slot

De opvatting dat besmetting met het Epstein-Barr-virus het chronisch vermoeidheidssyndroom kan inluiden is achterhaald. Wat voedsel geeft aan dergelijke misvattingen is het feit dat het virus levenslang in het lichaam aanwezig blijft. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor het herpesvirus, dat koortsblaasjes veroorzaakt.

Slaapapneu

Tijdens je slaap is je lichaam weinig actief. Je hartslag en lichaamstemperatuur worden lager. Het lichaam reageert automatisch. Toch kunnen er dingen fout gaan. Mensen met slaapapneu hebben moeilijkheden met ademen tijdens de slaap. Soms halen mensen een dan een minuut geen adem en worden geschrokken wakker. Deze stoornis kan levensgevaarlijk zijn, vooral bij baby's.

Normaal

Baby's moeten in de eerste weken van hun leven wennen aan de buitenwereld. Vaak hebben ze problemen tijdens de nacht (zoals veel ouders wel weten). Problemen met ademhalen is hier één van. Gelukkig worden de meeste baby's uit zichzelf wakker.

Afwijkend

Mensen met slaapapneu hebben een zeer onrustige nachtrust, doordat ze steeds wakker worden. Ze zijn overdag dan ook erg moe. Het is belangrijk dat het lichaam een schrikreactie vertoont na een groot aantal seconden zonder zuurstof. Dit gebeurt helaas niet altijd. Vandaar dat deze stoornis ook de meest voorkomende oorzaak van een wiegendood is.

Narcolepsie

Narcolepsie is een stoornis die weinig voorkomt. Toch is hij bij veel mensen bekend doordat er relatief veel aandacht aan wordt besteed op tv en in films. Mensen met deze stoornis vallen midden op de dag spontaan in slaap. Meestal gebeurt dit na een heftige emotie (zoals schrik of hard lachen). Deze mensen vallen dan van het ene op het andere moment in slaap. Zij blijven dan een paar minuten in slaap.

Normaal

Overdag wegdommelen als je erg moe bent komt vaker voor. Het is bekend dat veel tieners dagdromen in de klas.

Afwijkend

Narcolepsie is iets heel anders dan dagdromen. Mensen met deze stoornis dommelen niet weg maar vallen als een blok in slaap.
De stoornis is in theorie erg grappig. In de praktijk is dit niet het geval. Niet alleen op het werk of in de klas hebben zij deze aanvallen, maar ook in het verkeer kan het voorkomen. Hierdoor kan de stoornis voor levensgevaarlijke situaties zorgen.

Insomnia

Onder slapeloosheid (insomnia) wordt verstaan dat men regelmatig moeilijkheden ondervindt bij het inslapen of het doorslapen. Deze term wordt algemeen gebruikt om aan te geven dat er een tekort is aan de hoeveelheid nachtelijke slaap. Slapeloosheid komt vaak voor: sommige epidemiologische studies gewagen tot één derde van de volwassen bevolking. Insomnia heeft nare gevolgen. Het leidt tot een verminderd gevoel van algemeen welzijn, vermoeidheid, slecht humeur, gedaalde motivatie, alsook tot stoornissen van de aandacht en de waakzaamheid. Deze mensen vertonen ook een laag energiepeil en hebben moeite om zich te concentreren.

Voorbijgaande insomnia

Deze stoornis manifesteert zich gedurende een relatief korte tijdspanne die niet langer dan enkele weken duurt. Het gaat om een eerder benigne vorm van slapeloosheid, die uitgelokt kan worden door bv. stress of door socio-economische moeilijkheden. Doorgaans lost het probleem zich vanzelf op.

Chronische slapeloosheid

Chronische slapeloosheid is een ernstiger probleem. Vaak gaat het om een stoornis die qua ernst toeneemt in de loop der tijd. Uiteindelijk kan chronische slapeloosheid aanleiding geven tot secundaire ziekten, zoals depressie en kan gemakkelijk uitmonden in werkverlies of degradatie. Insomnia moet beschouwd worden als een symptoom en niet als een ziekte op zichzelf. Vaak gaan er andere stoornissen onder schuil. Insomnia is dikwijls ook de resultante van meerdere factoren die tegelijkertijd een rol spelen.

Een aantal mensen worden “kwetsbaar” geboren. Reeds van kindsbeen af zijn ze slechte slapers, die soms uren wakker liggen of vaak opstaan uit bed. Ze zijn als het ware voorbestemd om chronische insomnia te ontwikkelen. Alhoewel chronische insomnia aanleiding kan geven tot andere psychiatrische stoornissen, kunnen majeure psychiatrische ziektebeelden, zoals bv. depressie, op zichzelf gepaard gaan met insomnia. Sommige bevorderende factoren voor insomnia zijn toe te schrijven aan de levensstijl: overmatig gebruik van de stimulantia zoals bv. cafeïne en nicotine, gebruik van alcohol (dat weliswaar het inslapen kan bevorderen, doch het doorslapen flink kan bemoeilijken), naar bed gaan op verkeerde tijdstippen en overmatige inactiviteit zijn hiervan bekende voorbeelden.

Sommige mensen hebben zichzelf aangeleerd om slecht te slapen

Deze aandoening, ook nog “psychofysiologische insomnia” genoemd, is de resultante van een negatieve spiraal. Deze mensen slagen er niet in om op een normale manier in slaap te geraken en hoe meer inspanningen zij doen om in slaap te vallen, des te alerter hun geest wordt. Het gewoonlijke slaapritueel, zoals bv. pyjama aantrekken, gordijnen dichtdoen, tanden poetsen, etc. doet deze mensen eraan herinneren dat ze de zoveelste slechte nacht tegemoet gaan. Op dat ogenblik worden ze angstig en hypernerveus. Wanneer ze daarentegen niet de intentie hebben om te slapen, zoals bv. bij het TV kijken, vallen ze toch vlot in slaap. Deze mensen zullen ’s nachts ook liggen piekeren, zich afvragen hoelang ze nog ‘moeten’ wakker liggen (ze kijken vaak naar de wekker) en zullen ’s ochtends gefrustreerd en geradbraakt opstaan. De kern van deze stoornis is negatieve conditionering en het zichzelf aanleren, zij het onbewust, van een onaangepast slaapgedrag.

Insomnia en slaapmiddelengebruik

Het systematisch gebruik van slaapmiddelen is voor de behandeling van deze stoornis af te raden, omdat courante slaapmiddelen reeds na enkele weken gebruik hun effect verliezen. Om een zelfde effect te bekomen moet men steeds een hogere dosis gebruiken of overschakelen op sterkere middelen. Dit leidt uiteindelijk tot verslaving. Wanneer deze middelen plotseling gestopt worden kan het zijn dat de slapeloosheid in sterke mate toeneemt. Daarom verdient het aanbeveling om deze middelen niet abrupt te stoppen, doch eerder geleidelijk af te bouwen. Slapeloosheid kan ook het gevolg zijn van externe factoren, zoals bv. te veel licht, te veel lawaai of kan voortvloeien uit lichamelijke ziekte (zoals bv. moeilijkheden met de ademhaling, aandoeningen die gepaard gaan met pijn of chronische ongemakken).

Patiënten met chronische insomnia zijn zelden in staat om uit zichzelf tot een beter slaap/waak-ritme te komen. Doktersadvies is dan ook meestal noodzakelijk. Toch zijn er een aantal vrijblijvende maatregelen die in verband hiermee kunnen genomen worden en die vaak tot een verbetering van de toestand leiden. Dit zijn de zogenoemde maatregelen voor goede slaap/waak-hygiëne.

Hypersomnia

Hypersomnia of hypersomnie is een slaapstoornis. De aandoening wordt gekenmerkt door overmatige slaperigheid overdag en kan een symptoom zijn van verschillende lichamelijke of psychische ziektebeelden. De slaperigheid komt voor in verschillende gradaties, van bijvoorbeeld vermoeidheid na een maaltijd tot onbedoeld wegdommelen in gezelschap. Door slaperigheid vertonen lijders soms 'automatisch' gedrag, dat ze zich na afloop vaak niet kunnen herinneren. Ondanks de slaperigheid is er in principe geen sprake van overmatige vermoeidheid en heeft een lijder voldoende energie voor zijn taken.

Sociaal kan hypersomnia een behoorlijk probleem vormen. Het komt voor dat de omgeving iemand als lui of ongemotiveerd ziet en in slaap vallen tijdens bijvoorbeeld een vergadering wordt niet als acceptabel gezien. Vaak proberen mensen met de aandoening dan ook te maskeren dat ze eraan lijden door bijvoorbeeld tussendoor op een rustige plaats even te slapen. Meestal hebben ze zelf geen erg positief beeld van hun prestaties op het werk.

Een ernstige vorm van hypersomnia wordt narcolepsie genoemd. Hierbij kan iemand zich niet meer verzetten tegen slaapaanvallen en valt plotseling in slaap. Doordat de spieren zich onmiddellijk ontspannen, komt het voor dat iemand plotseling ten val komt. Dit kan levensgevaarlijk zijn in omstandigheden waarbij doorlopende aandacht vereist is, bijvoorbeeld tijdens het autorijden.

Bron: Wikipedia
  

Powered by phpBB © 2001-2010 phpBB Group -- Sitemap -- Mobiele Versie -- Contact